Naar content

Manu Keirse over de rouwtaken: ‘Je moet verlies niet verwerken, maar overleven.’

Wie een van de vele boeken van Manu Keirse heeft gelezen of een van zijn lezingen heeft gevolgd, kent zijn uitspraak: ‘Je moet verlies niet verwerken, maar overleven.’ Hiermee benadrukt hij dat rouw niet iets is wat je op een bepaald moment kunt afronden. Verwerken kan namelijk klinken alsof het verlies op een dag klaar is. Maar iemand die je hebt verloren, blijf je missen. Rouwen betekent daarom niet dat je het verlies achter je laat, maar je leert leven met het gemis om verder te gaan. Daarbij benoemt hij vier belangrijke rouwtaken:

  • De werkelijkheid van het verlies onder ogen zien:
    Volgens Keirse moet je diep van binnen en buiten beseffen en aanvaarden dat een dierbare er echt niet meer is.
  • De pijn van het verlies ervaren:
    Er is ruimte nodig voor alle moeilijke emoties zoals verdriet, angst, boosheid en leegte. Je moet de pijn niet weg proberen te drukken.
  • Je aanpassen aan de wereld zonder de overledene:
    Je moet je weg in het dagelijks leven zien te vinden door je routines en je eigen rol opnieuw te organiseren en vorm te geven in een veranderende wereld waarin je iemand blijft missen. 
  • Weer leren genieten en herinneringen levendig bewaren:
    Je leert de draad van het leven weer op te pakken en te genieten, waarbij je de overledene niet loslaat maar op een nieuwe manier leert vasthouden in je herinnering.

Deze rouwtaken hebben geen vaste volgorde en kunnen dwars door elkaar heen lopen. Volgens Keirse is het wel belangrijk om alle rouwtaken te doorlopen, zodat het verdriet het levensgeluk niet in de weg hoeft te staan. Om kinderen hierbij te helpen, beschrijft hij in het boek ‘Kinderen helpen bij verlies’ een aantal aandachtspunten voor hoe kinderen rouwen. 

  • Kinderen rouwen anders dan volwassenen en hun verdriet is niet altijd zichtbaar. Ze nemen pauzes en rouwen in kleine behapbare porties. Ze kunnen hun verdriet afwisselen met spelen, lachen en andere bezigheden. Soms stellen ze hun verdriet voor een langere tijd uit. Dit betekent niet dat ze minder verdriet hebben dan volwassenen. 
  • Als je kind niet huilt, betekent het niet dat het geen verdriet heeft of dat er iets fout is met hoe je het aanpakt. Er is niet één manier van rouwen. Sommige kinderen gooien het er allemaal uit en andere kinderen vechten tegen hun tranen.
  • Ook kunnen kinderen hun gevoelens eerder in hun gedrag dan in woorden laten zien, waardoor het belangrijk is om goed te kijken en te luisteren naar wat een kind laat merken. 
  • Kinderen kunnen fantaseren over de overledene en een geïdealiseerd beeld ontwikkelen. Daarom is het belangrijk om ook herinneringen aan de overledene te blijven delen en de overleden persoon een plek te geven in het leven van een kind.
  • Kinderen kunnen bovendien fantasieën of schuldgevoelens ontwikkelen over de dood; het is daarom belangrijk om na te gaan hoe zij de situatie begrijpen en wat er in hen omgaat.
  • Ieder kind rouwt op een eigen manier en het is normaal dat kinderen verschillende, soms tegenstrijdige gevoelens ervaren, ook wanneer de relatie met de overledene ingewikkeld was. 
  • Het verlies van een ouder kan voor een kind betekenen dat het niet alleen een dierbare, maar ook een belangrijke rol, opvoeder of vertrouwd onderdeel van het gezinsleven verliest. Kinderen kunnen veerkrachtig omgaan met verlies wanneer hun ervaringen en gevoelens serieus worden genomen en zij zich gesteund en veilig voelen. 

Wil je meer weten over hoe kinderen rouwen en hoe je hen kunt ondersteunen bij verlies?
Lees dan het hele boek van Manu Keirse:
Kinderen helpen bij verlies (Lannoo, 2020).

Secret Link