Wat kan je als volwassene betekenen voor een kind?
Verlies kan verschillende vormen hebben. Een overlijden, een ernstige ziekte, een scheiding, pesten of een andere ingrijpende gebeurtenis kan ervoor zorgen dat een kind zich verdrietig, boos, bang of onzeker voelt. Elk kind reageert op zijn eigen manier. Er is geen goede of foute manier om met verlies om te gaan.
Als ouder of verzorger kun je veel betekenen. Niet doordat je alle antwoorden hebt of het verdriet kunt wegnemen, maar door er te zijn.
Geef ruimte aan gevoelens
Laat je kind weten dat alle gevoelens er mogen zijn. Verdriet, boosheid, angst, opluchting of juist helemaal niets voelen: het kan allemaal. Probeer gevoelens niet meteen op te lossen of weg te praten. Vaak is het al helpend als je luistert en laat merken dat je begrijpt dat het moeilijk is.
Wees eerlijk en duidelijk
Kinderen merken vaak dat er iets aan de hand is. Eerlijke informatie, passend bij de leeftijd van je kind, geeft meestal meer rust dan dingen verborgen houden. Je hoeft niet alle antwoorden te hebben. Het is ook goed om te zeggen: “Dat weet ik nu nog niet.”
Blijf in gesprek
Laat merken dat je kind altijd met vragen bij je terechtkan. Sommige kinderen praten veel, anderen nauwelijks. Blijf af en toe vragen hoe het gaat, zonder te dwingen. Soms komen vragen pas weken of maanden later.
Houd zoveel mogelijk vaste gewoontes aan
Een vertrouwd ritme geeft kinderen houvast. Samen eten, naar school gaan, sporten of een verhaaltje voor het slapengaan kunnen juist in een moeilijke periode veel rust geven.
Laat zien dat ook jij gevoelens hebt
Kinderen hoeven niet te denken dat volwassenen altijd sterk zijn. Je mag best laten zien dat je verdrietig bent. Vertel er wel bij dat jouw gevoelens niet de verantwoordelijkheid van je kind zijn. Zo leert je kind dat gevoelens normaal zijn en dat je er samen mee om kunt gaan.
Geef je kind niet te veel verantwoordelijkheid
Kinderen willen vaak helpen als het thuis moeilijk is. Dat is liefdevol, maar ze hoeven de problemen van volwassenen niet op te lossen. Laat weten dat het fijn is als ze willen helpen, maar dat zij vooral kind mogen zijn.
Blijf ook leuke dingen doen
Naast verdriet en zorgen is er ook ruimte voor plezier. Spelen, lachen, afspreken met vrienden of een leuke activiteit doen helpt kinderen om op te laden. Dat betekent niet dat het verlies minder belangrijk is. Juist afwisseling helpt kinderen om moeilijke gevoelens vol te houden.
Let op veranderingen
Sommige kinderen laten hun verdriet vooral zien in hun gedrag. Ze worden sneller boos, trekken zich terug, slapen slechter of hebben moeite met concentreren. Dat hoeft niet meteen zorgelijk te zijn. Blijven de veranderingen lang aanhouden of maak je je zorgen? Bespreek dit dan met school, de huisarts of een andere professional.
Zoek samen steun
Je hoeft het niet alleen te doen. Familie, vrienden, buren, school of een hulpverlener kunnen steun bieden, zowel aan jou als aan je kind. Samen dragen is vaak lichter dan alles alleen proberen op te lossen.
Bovenal heeft een kind behoefte aan iemand die blijft luisteren, beschikbaar is en laat merken: je hoeft hier niet alleen doorheen.
Neem een kijkje op de verschillende thema pagina’s voor meer informatie en herkenning.